Vergelijk 60.0000+ hondenproducten van 700+ merken uit 35+ webshops

Vergelijk 60.0000+ hondenproducten

9.3SterSterSterSterSter(369 beoordelingen)
Terug

28 februari 2017, door Karin den Hollander in Hond opvoeden

Wat kun je doen als je hond kennelsyndroom heeft?

Wat kun je doen als je hond kennelsyndroom heeft?

Omgaan met kennelsyndroom

Overal kun je lezen dat kennelsyndroom bij een hond niet te genezen is, en dat je zo’n hond beter rust kunt geven door hem in te laten slapen. Hier ben ik het niet mee eens, omdat ik zelf 3,5 jaar geleden een hond op mijn pad kreeg met kennelsyndroom. Zij heeft nu, in tegenstelling tot vroeger, zeker kwaliteit van leven. Lees in dit blog hoe ik met kennelsyndroom bij mijn hond ben omgegaan.

Wat is kennelsyndroom?

Kennelsyndroom ontstaat als een hond langdurig in een kennel, kooi, of kleine ruimte wordt gehouden. Ze gaan deze ruimte dan zien als veilig en de wereld daarbuiten is ineens heel groot en beangstigend. Uiteindelijk willen ze niet meer uit hun veilige omgeving en raken in paniek als je hen dwingt. Vaak lopen ze de hele dag gestrest rondjes in hun hok.

Het begin met Luna

Luna zag ik op marktplaats staan en de advertentie viel mij meteen op. Er werd alleen gesproken over haar stamboom en goede bloedlijnen, alsof ze alleen maar goed was om mee te fokken. Een nest Bordeauxdoggen levert blijkbaar veel geld op. Op de foto zag ik dat ze in een kleine schuur lag en ze zag er zo angstig uit dat mijn hart brak. Mijn man is haar meteen gaan halen en de eigenaar moest haar zelf vangen. Bang als ze was vluchtte ze ook voor hem. Toen ze bij mij kwam, kroop ze meteen onder tafel, waar ze de eerste 48 uur bleef liggen. Ik kreeg haar niet aangelijnd, dus ze kon niet naar buiten, en ze hield haar plas en ontlasting op die 2 dagen. Eten en drinken deed ze alleen als ik het onder haar neus zette, en ze weigerde me aan te kijken.

hond met kennelsyndroom

Angst voor alles en iedereen

Stukje bij beetje kreeg ik haar verleden te horen: Luna was 2,5, en had maar liefst 4 eigenaars gehad, en 3 nestjes. Het laatste nest was pas een week bij haar weg, en haar tepels hingen op de grond. Ze had altijd in een kennel gelegen, en wist niet beter. Toen ik zag hoe groot haar angst was voor alles en iedereen, begon ik me af te vragen waar ik aan was begonnen., en hoe ik dit aan moest pakken. Ze raakte in paniek als ik het licht aan deed, of als de tv aanging. Dat kende ze blijkbaar allemaal niet. Als ze onze kat zag, kroop ze bijna in de grond van ellende. Omdat ze toch haar behoefte moest doen, heb ik haar gevangen en aangelijnd mee naar buiten getrokken. Nou, dat heb ik geweten. Ik was sneller weer binnen dan mijn voeten de grond konden raken. Buiten waren allerlei geluiden die ze niet kende, en overal gebeurden wel onverwachte dingen; rolluiken die omhoog of omlaag gingen, auto’s en fietsers die voorbij kwamen. Luna was in ieder geval niet van plan om daar te blijven. Ook in mijn tuin durfde ze niet, want door de schuttingen kon ze niet zien waar de geluiden vandaan kwamen. Dit was een groot probleem, en daar moest ik iets op zien te vinden.

kennelsyndroomDe oplossing

Ten einde raad, Luna had immers al ruim 2 dagen haar behoefte opgehouden, besloot ik om haar in de auto te zetten en naar het bos te rijden. Ze wilde alleen onder het dashboard aan de bijrijderskant zitten, dus zo reden we samen naar het bos. Daar aangekomen bleek luna veel rustiger dan in de bewoonde wereld. Ze snuffelde, en deed eindelijk haar behoefte. Wat een opluchting! Ik stond erbij te juichen als een idioot. Hoe blij kun je soms zijn met kleine dingen. Ze was nog wel extreem angstig. Als ik bijvoorbeeld struikelde, kroop Luna tegen de grond. Het leek mij het beste om niet teveel rekening te houden met haar angst, en met mijn houding aan te geven dat er helemaal niets was om bang voor te zijn, en die aanpak werkte. In huis was er nog niet veel verbetering, maar buiten de bewoonde wereld, op de hei en in het bos, begon Luna langzaam te veranderen. Dat ging zelfs zo snel dat ik haar na 2 weken los durfde te laten. Ik heb erbij staan huilen. Wat mooi was het om te zien dat ze heel hard rond ging rennen, en als ik haar riep, kwam ze meteen aanrennen. Ze was op dat moment zo gelukkig dat ze leek te lachen.

Hoe nu verder in huis?

Mijn man was in die tijd nog mijn vriend, en vanwege afstand kwam hij alleen de weekenden bij mij met zijn Cane Corso Dinos. Ik merkte dat Luna dan wat zekerder werd, en in huis rond durfde te lopen. Omdat ik wilde dat ze meer uit haar schulp zou kruipen, en alleen de weekenden niet genoeg waren, besloot ik er een klein hondje bij te nemen uit het asiel, en dat werd Quinty. Ze was al 14, maar voor niets en niemand bang en Luna heeft enorm veel van haar geleerd. Zo kwam Luna ineens naar de keuken om te eten en drinken, want Quinty deed dat ook. Buiten had ik echt contact met Luna, maar binnen heeft het lang geduurd voor ze me ging vertrouwen en iets uit mijn hand durfde te eten. Langzaam wende ze ook aan de tv, de kinderen, de lampen, en zelfs aan de kat. Die kwam haar regelmatig kopjes geven.

De grote ommezwaai

In 2015 gingen mijn man en ik samenwonen. Quinty was toen allang overleden en ik had Tommy, een valse Chihuahua, van mensen gekregen. Tommy ziet het als zijn taak om Luna te beschermen, ook al weegt hij 3 kilo en Luna 40 kilo. Ook Dinos de Cane Corso is beschermend naar Luna. Vreemde honden mogen alleen bij haar komen na een grondige keuring. We hadden het geluk dat we een vrijstaande woning konden kopen met een tuin van ruim 1300 meter, in een heel rustig dorpje. Hier is Luna pas echt opgebloeid. Ze loopt nu vrij de tuin in en gaat in huis liggen waar ze wil. Vaak komt ze even knuffelen en het is heel bijzonder om te zien hoe zo’n angstige hond kan veranderen als je er geduld, energie, en liefde in wilt stoppen. Helemaal normaal zal Luna nooit worden. Ze blijft contact met onbekenden heel moeilijk vinden maar begint nu, na 3,5 jaar, wel toenadering te zoeken. Volgens de experts had ik deze hond beter in kunnen laten slapen, maar het is zeker mogelijk om een hond met kennelsyndroom een hondwaardig bestaan te geven. Je moet alleen de juiste aanpak zien te vinden en die verschilt per hond, omdat elk karakter anders is.

kennelsyndroom
Karin den Hollander

Geschreven door Karin den Hollander in Hond opvoeden

Ik ben Karin, 40 jaar, en trotse eigenaresse van 4 honden, waarvan 3 met een verleden. Ruim 20 jaar neem ik herplaatsers op. Dit is begonnen toen ik werkzaam was in het asiel en bij de dierenambulance, waar ik veel ervaring op heb gedaan. Ook ben ik dierenmagnetiseur en dierentolk, en kan ik voelen wat een dier voelt, wat vaak van pas komt in het dagelijks leven met onze roedel.

Nog geen reacties
Schrijf een reactie

Schrijf een reactie